Pompon, die in Marseille woont, heeft besloten om deel te nemen aan het concours Midi-Libre (jeu provençal) in Nîmes. Hij komt dus aan in de Jardin de la Fontaine en als hij daar Charlot Oderra (een beroemd speler uit het verleden) ontmoet, zegt hij hem: -Charles, je moet me matsen. Mijn maatje kon niet komen. We zijn maar met z’n tweeën. Jij kent iedereen hier, kun jij een gozer vinden die met ons wil spelen? Maar geen onbenul, hè Charles? -Akkoord, m’n beste, maar je komt er wel wat laat mee. Nog geen kwartier later komt Charlot met een speler terug. -Hela, Pompon, hier heb je de man die je zoekt. Het is de banketbakker van een van mijn vrienden hier in Nîmes, je kunt er blind op varen. Het team is dus compleet. Dankzij een gunstige loting winnen ze de ochtendpartij. In de roes van de overwinning nodigt de intens gelukkige banketbakker zijn twee teamgenoten bij hem thuis uit. Hij laat ze de winkel en de werkplaats zien. Ze praten over slagroom, gebakjes en kadetjes.

’s Middags, in de tweede ronde, gaat het niet zo best meer. De banketbakker begaat allerlei stommiteiten, zowel bij het schieten als bij het plaatsen en iedere keer als hij heeft gespeeld, hoor je hem zeggen: -Hij is uit m’n handen geglipt. Iedere speler heeft zo zijn eigen manier om steeds maar weer te laten blijken dat hij slecht gespeeld heeft. Er zijn er die zeggen: ‘Mijn vingers zijn verkrampt’, anderen: ‘M’n boules bleven aan mijn handen plakken, of: ‘Ik ben het gevoel kwijt geraak’, ‘Ik krijg de draad maar niet te pakken’, ‘Ze blijven allemaal aan mijn vingers haken’. Bij de banketbakker was het dus: ‘Ze zijn uit mijn handen geglipt’. Charlot Oderra is klaar met zijn partij en komt bij Pompon kijken en vraagt: -Gaat het, m’n jongen? Ik heb je een goeie vent gegeven, hè, hij speelt lang niet gek, of niet soms, banketbakkertje? Pompon, die er wat bedremmeld bij staat, weet dat je een gegeven paard nooit in de bek mag kijken. -Ja, je hebt me wel een goeie vent gegeven, maar eh…Precies op dat moment roept de banketbakker, die een veel te lange boule heeft geplaatst, opnieuw uit: -Hij is uit m’n handen geglipt! Je ziet het, verduidelijkt Pompon, hij speelt wel goed maar zijn handen zitten vol met slagroom…

Bron: VOLLE ZON OVER HET PETANQUE door Otello

John