Op een dag dat de mistral hevig waait, speelt Valentin, groenteboer van beroep, tegen twee gasten die hij niet erg mag. Ze hebben trouwens geen greintje tact, dat is overduidelijk. Ze hebben namelijk net gewonnen en weten niets beters te zeggen dan de volgende ongelukkig gekozen zin: -Je hebt geen reden om te klagen, je hebt immers geen pech gehad. Deze woorden snijden dwars door de ziel van Valentin heen. Als er iets niet gezegd had mogen worden, dan was het dat wel. Valentin geen pech gehad! Ademloos, met woedende ogen en diep gekrenkt zoekt de groenteboer naar een antwoord. En juist op dat moment komt de genadeslag: -Om je de waarheid te zeggen, mijn arme Valentin, je bent een miserabele speler, je kunt niet beter: je hebt veel te veel boules gemist! Maar hoe dan ook, de rekening zal opgemaakt moeten worden. En er moet betaald worden!

Soms zijn er momenten in het leven waar je alle reden hebt om uit je vel te springen! Maar wat de gevoelens ten opzichte van de winnaars ook mogen zijn, de verliezer moet altijd dokken. Dat is een regel die nimmer overtreden mag worden en waar je geen loopje mee mag nemen. Na wat ze allemaal hebben gezegd, walgt Valentin zo van het idee deze twee verwaande kwasten 5.000 franc –let wel, oude –in hun handen te moeten stoppen, 2Bimbo van Toulon heeft het grootste en oudste jeu-provençaltoernooi, dat nog steeds iedere zomer in Marseille wordt gehouden, vijfmaal op zijn naam geschreven: in 1911, 1912, 1919, 1923 en tenslotte in 1925 dat hij een ingeving krijgt. De gedachte alleen al geeft hem binnenpret. Hij gaat het café binnen en vraagt stiekem aan de baas om zijn biljet van 5.000 franc om te wisselen in tien briefjes van 500 franc. Weer terug bij de winnaars zegt hij: -Kom mee naar mijn auto, ik zal jullie daarginds betalen. Mijn portefeuille ligt daar.

Het boulodrome ligt beschut tegen de wind, de straten eromheen echter niet. Met z’n drieën gaan ze op stap naar de auto, moeizaam vooruitkomend en zich schrap zettend tegen de wind die ze vol in het gezicht blaast. En die dag, ik heb het u al gezegd, woedt er een van de mooiste mistrals die de streek ooit geteisterd heeft. -Zo’n wind hebben we hier nog nooit meegemaakt. En je auto staat uitgerekend op de plek waar de storm op zijn hevigst is. -Ik weet het, ik weet het, ’t waait daar het hardst. Bij de auto aangekomen buigt Valentin naar binnen en doet alsof hij zijn portefeuille zoekt. Hij gaat terug naar de twee winnaars om hun de tien biljetten van 500 franc te overhandigen. Maar precies op het moment dat hun handen elkaar zullen raken, laat hij plotseling alles wegschieten, de volle wind in. Met een waanzinnige snelheid vliegenenkele biljetten loodrecht de lucht in, andere scheren rakelings langs de grond en een paar fladderen tussen de auto’s en de muren van de huizen heen en weer.

Onze beide heerschappen rennen alle kanten uit en rapen links en rechts een paar bankbiljetten op. En zo mogelijk nog sneller zijn ze vertrokken. Er staan een paar toeschouwers bij het tafereel te kijken. Ze lachen hartelijk. Valentin geeft hun tekst en uitleg: -Ik heb mijn schuld vereffend, ik heb betaald. Het is hun pakkie aan om te incasseren. Ik kan er ook niks aan doen dat ze daar te stom voor zijn. Ik heb misschien een hoop boules gemist… maar zij een hoop briefjes van 500!

Bron: VOLLE ZON OVER HET PETANQUE door Otello

John